met het kind tussen de benen de oren gepitst
om de dansende woorden niet te missen
de buigingen het frĂȘle een en ander te voelen
dat de huid trilt en punten waarin
een snel weg schietend meisje
niet te missen is een opgeschoten knul
de lokroep haar tenten opslaat
het vuur stookt brood kneedt het dansen doet
de bergen niet te missen het zand stuift
de tranen in de ogen brengt
de taal en het een van het ander
de bekers delen als een vers
dat van mond tot mond tot handen
en voeten en ogen en lippen en
zo verder tot aan de volgende dag
donderdag 8 september 2011
over passie en gestreken zeilen
ademt een zeeman de verzeilde tijd
in stad en haven had hij een meid
in arm en ziel het weerbarstig reilen
afgemeerd geen kust nog te begeren
waarnaar mannen dromend snakken
om liefde en schoonheid uit te pakken
de tomeloosheid niet de rug te keren
in de woorden die nu volgen
geen ommekeer die erin schuilt,
zegt juffer, goud wordt ruggelings gedolven
met het puntje van de tong en pruilt
hartstocht vaart in golven
stormenderhand en huilt
ademt een zeeman de verzeilde tijd
in stad en haven had hij een meid
in arm en ziel het weerbarstig reilen
afgemeerd geen kust nog te begeren
waarnaar mannen dromend snakken
om liefde en schoonheid uit te pakken
de tomeloosheid niet de rug te keren
in de woorden die nu volgen
geen ommekeer die erin schuilt,
zegt juffer, goud wordt ruggelings gedolven
met het puntje van de tong en pruilt
hartstocht vaart in golven
stormenderhand en huilt
zaterdag 13 augustus 2011
Abonneren op:
Posts (Atom)